Veldwachter Jan Kelderman
Zoals alle dorpen in onze streek kende ook Bennekom in de negentiende eeuw zijn gezagsdragers, belast met het handhaven van rust en orde. Eén van hen was Jan Kelderman, een markante figuur die dankzij overlevering en familiegegevens niet in de vergetelheid is geraakt.
Jan Kelderman werd geboren te Bennekom op 18 november 1832. Op 1 januari 1864 werd hij aangesteld als veldwachter in Maurik. Op 24 december van datzelfde jaar trad hij in het huwelijk met Elisabeth Braafhart, afkomstig uit een bekende Edese familie. Elisabeth werd geboren op 17 januari 1841 te Ede en overleed daar op 25 januari 1903, 62 jaar oud.
In maart 1877 volgde zijn benoeming tot veldwachter van de gemeente Ede, standplaats Bennekom. Daarmee keerde hij na ruim dertien jaar terug naar zijn geboorteplaats.
Al snel stond Kelderman bekend als een uiterst plichtsgetrouwe en eerlijke veldwachter, die zijn werk met een geheel eigen aanpak uitvoerde. Jeugdige kwajongens die zich schuldig maakten aan baldadigheid, vernielingen of vuurtjes stoken in het bos, konden rekenen op een directe en lijfelijke correctie.
Een geliefd spel onder de jongens was het met stenen proberen te raken van de wijzerplaat van de kerktoren. Bij een raak schot volgde gejuich, maar zodra Kelderman verscheen, koos men haastig het hazenpad. Wie hij te pakken kreeg, voelde dat nog dagenlang.
Ook volwassenen kwamen er niet altijd met een bekeuring vanaf. Vaak koos Kelderman voor een stevige berisping, begeleid door kleurrijk taalgebruik, waarbij hij duidelijk maakte dat herhaling geen optie was.
Dominee Eisinga sprak hem daar eens op aan, maar Kelderman antwoordde nuchter: “Van de kansel houdt u ze in toom, op straat doe ik dat op mijn manier.” Dronkaards bracht hij meestal naar de cel om hun roes uit te slapen, waarna hij hen met duidelijke woorden liet gaan.
Veel lof
Met stok en stem handhaafde Kelderman de orde, en de dorpsbewoners spraken met respect over hem. Tijdens surveillances in de bossen droeg hij een stok die meer was dan hij leek. Wanneer een agressieve stroper of dief zich verzette, stak Kelderman zijn stok uit.
Wie die vastgreep, hield plots slechts het onderste deel in handen, terwijl Kelderman het bovenstuk vasthield, waarin een verborgen bajonet tevoorschijn kwam. Elke vorm van verzet was dan ogenblikkelijk gebroken. Dergelijke stokken heeft hij vermoedelijk meerdere gehad, maar geen daarvan is bewaard gebleven.
Het werk van een dorpsveldwachter was veelzijdig: het oplossen van diefstallen, het sussen van burenruzies, het behandelen van klachten, nachtelijke controles, en regelmatig rapporteren in Ede, alles tegen een bescheiden vergoeding.
Op 28 oktober 1878 besloot de gemeenteraad tot een kleine salarisverhoging. Vanaf 1 januari 1879 ontving de veldwachter te Ede als hoofdagent 380 gulden per jaar, terwijl die van Bennekom en Otterlo 350 gulden ontvingen. Collega’s uit Lunteren en Veenendaal bleven op hun oude salaris.
Hoog bezoek
Soms werd het rustige dorpsleven onderbroken, zoals in 1882, toen koning Willem III een bezoek bracht aan Oranje Nassauoord bij Renkum en per rijtuig door Bennekom zou rijden. Het dorp was feestelijk versierd en de bevolking verzamelde zich langs de Dorpsstraat.
Onder hen bevond zich bakker Hannes Otten, een begenadigd schutter, die besloot de koning met saluutschoten te verwelkomen. Verborgen bij de dorpspomp loste hij onverwacht twee schoten in de lucht, wat grote paniek veroorzaakte.
De herauten grepen direct in, maar veldwachter Kelderman, volledig in uniform en met sabel, snelde toe en verklaarde de bedoeling. De koning accepteerde zijn uitleg, de bakker werd vrijgelaten, en de stoet trok verder, toegewuifd door de opgeluchte menigte.
De beddenpan
Kelderman bezat een scherp inzicht, iets waar zelfs zijn voormalige chef in Maurik gebruik van maakte. Daar was op een koude herfstdag bij de burgemeester een beddenpan gestolen, een hulpmiddel om de voeten warm te houden.
Kelderman ging te voet naar Maurik, bezocht een oude bekende, en bracht het gesprek na enkele drankjes voorzichtig op de diefstal. Toen zijn gast kleur bekende, handelde Kelderman resoluut. Hij nam de beddenpan mee terug naar de burgemeester, die hem dankbaar beloonde met zwijgen en een goedgevulde stoofpot.
Jan Kelderman overleed op zondag 26 november 1911 te Ede, 79 jaar oud.